De Nederlandse clubs hebben het dit seizoen zwaar in Europa. Vitesse, AZ en Feyenoord sneuvelden al in de voorrondes, PSV en FC Twente begonnen matig in de Europa League en Ajax kreeg woensdag weer eens voetballes van Real Madrid. Het krachtsverschil met de Europese top neemt elk jaar toe, maar toch is er reden om hoop te houden. De invoering van de Financial Fair Play-regels geeft de Eredivisie-clubs een betere kans op eerlijke concurrentie.

Hoewel de goede prestaties in de Europa League de schijn nog enigszins ophielden de vorige seizoenen, blijkt dit jaar maar weer eens dat Nederland op het moment geen rol van betekenis speelt. Het niveau van de Eredivisie is hier deels oorzaak aan. Spelers van het kaliber Robin van Persie, Klaas Jan Huntelaar en Wesley Sneijder zijn de laatste jaren schaars op de Hollandse velden. Buitenlandse clubs staan bij de doorbraak van een jongeling al snel in de rij en slagen dikwijls in hun opzet.

Wat overblijft is een competitie van jeugdspelers, matige tot redelijke Eredivisie-voetballers en afbouwende routiniers. Hoewel de nivellering hier zorgt voor een leuke en spannende competitie, geeft het problemen bij het oversteken van de landsgrenzen. Clubs hebben door het slechte economische klimaat en het strikte financiële beleid van de KNVB veel moeten snijden in de kosten en dat is terug te zien op het gras.

In veel grote buitenlandse competities gelden deze restricties echter niet, wat ervoor zorgt dat clubs uit deze landen zich onverantwoord in de schulden mogen steken. De invoering van UEFA’s maatregel heeft als doel dat hier een eind aan komt. Clubs die de regels aan hun laars lappen kunnen een sanctie verwachten in de vorm van boetes of diskwalificatie uit de Europese voetbalcompetities. Naast het feit dat clubs als Paris Saint Germain en Manchester City na moeten denken over hun inkomsten en uitgaven, biedt het de Nederlandse clubs de kans om weer aan te haken bij de subtop.

Ploegen als Valencia en Sporting Portugal staan tegenwoordig namelijk ook boven ons in de pikorde, maar kunnen binnenkort wel weer eens ingehaald worden. Hoewel de regels pas in 2014 in werking treden gelden de twee jaar ervoor namelijk als monitorjaren. Dit houdt in dat de UEFA de situatie van clubs nu al nauwlettend in de gaten houdt, zodat in 2014 een accuraat beeld is ontstaan van de financiële huishouding.

Veel Ajacieden zullen het er na de nederlaag tegen de Spaanse kampioen over eens zijn dat de stap naar de top voorlopig te groot is. Het is echter wel degelijk mogelijk om in de komende jaren te wedijveren met de iets mindere goden, door het blijven voeren van goed beleid en het handhaven van de Ajax-filosofie. En dus eindelijk weer eens een rol van betekenis te gaan spelen in de Champions League.