Vaclav Cerny speelde eind vorige maand met Jong Ajax in en tegen Volendam. Bijna exact een jaar later op de plek waar de aanvaller zijn zware knieblessure opliep. “Dat was heel toevallig dat we, precies een jaar later, met Jong Ajax in Volendam moesten spelen. Op het veld waar ik de blessure heb opgelopen. Het was echt moeilijk. Ik zat echt te denken: zal ik die wedstrijd gaan spelen of niet? Maar op een gegeven moment dacht ik ook: ik train al drie maanden pijnvrij op het veld. Ik voel me fijn, ik voel me lekker. Het kan weer een wedstrijd zijn. Misschien wel negentig minuten”, laat hij weten in gesprek met de NOS.

Angst overwinnen

De Tsjech heeft veel aan Daley Sinkgraven, die ook aan het terugkomen is van een zware blessure. “Ik had het er ook met Daley Sinkgraven over. Hij zei iets moois: ‘Je kan de angst overwinnen als je daarheen gaat. Juist naar die plek. Minuten maken en bijvoorbeeld scoren of gewoon goed spelen’. En naar hem heb ik geluisterd. Ik heb gezegd: oké, ik ga spelen. En met overtuiging ging ik die wedstrijd in.”

Realistisch

Cerny is geduldig en vooral ook heel realistisch. Het talent weet dat hij zichzelf de tijd moet geven om terug te komen. “Ik moet realistisch zijn. Dat is het belangrijkste. Zo ben ik. Ik zei woensdag na de wedstrijd ook: ‘Dit team loopt goed, we maken veel goals. Hakim, Dusan en David spelen erg sterk. Ik ben realistisch genoeg om te beseffen dat ik terugkom van een zware blessure en ik heb gezien hoe hun niveau is op het veld’. Ze spelen hartstikke goed. Ik moet echt mijn best doen om met hun de strijd aan te gaan. En zover ben ik op dit moment nog niet. Ik zit dicht tegen mijn oude niveau aan. Het voelde wel heel apart woensdag. Na een jaar stond ik weer in de Arena. En ik wilde te graag. Op trainingen merk ik dat het anders is. Ik sta er beter voor dan voor mijn blessure. Lichamelijk ben ik fit, mijn snelheid is goed en mijn lichtvoetigheid is gebleven. Ik ben dichtbij, maar er zijn nog wel dingen die automatisch moeten gaan.”

Ten Hag: “Natuurlijk verdient Neres een plek in de basis”