Dani de Wit maakte afgelopen zomer de overstap van Ajax naar AZ. Deze week speelt hij met Jong Oranje EK-kwalificatie wedstrijden. We spraken hem over zijn wedstrijd, de badkuip en zijn eerste weken in Alkmaar.

Jong Oranje speelde vrijdagavond de belangrijke interland tegen de leeftijdsgenoten van Portugal. In een groep met Gibraltar, Cyprus, Noorwegen en Wit-Rusland, is Portugal de grootste concurrent voor het team van Erwin van de Looi. De wedstrijd werd met 4-2 gewonnen en ex-Ajacied Dani de Wit speelde de gehele wedstrijd. Hij heeft daar te maken met veel teamgenoten van AZ, zoals Koopmeiners, Boadu en Stengs. De afstemming met de laatste van de drie kan volgens De Wit nog wat beter zegt hij ietwat lachend: ‘‘Ik loop een aantal keer goed diep, maar ik wacht er ook wel op tot hij de steekpass op mij geeft. Ik heb het daar zeker over met hem.’

Kwaliteit in de voorhoede 
‘Ik vond dat we een vrij stroeve wedstrijd speelden. We waren slordig aan de bal en kwamen een paar keer goed weg’, aldus de middenvelder. Na 65 minuten voetballen trokken de Portugezen voor de tweede keer de wedstrijd gelijk en was het afwachten of Jong Oranje de wedstrijd nog naar zich toe kon trekken. De Wit, die traint met masker, maar tijdens de wedstrijd het te hinderend vindt, vertelt daarover: ‘We weten hoeveel kwaliteit we voorin hebben en we kunnen de wedstrijd dan toch naar ons toe trekken.’

Liever meer vooruit spelen
De middenvelder was zelf vrij tevreden over zijn eigen spel, maar wil eigenlijk wel liever wat meer vooruit spelen: ‘Ik denk dat ik prima speelde, maar ik speelde vandaag wel meer als linkshalf. Dit had vooral te maken met de vrij sterke tegenstander. Ik kom daardoor niet echt veel in scoringspositie. Ik denk dat dat juist een kwaliteit van mij is, zoals in de wedstrijd tegen Cyprus wel lukte (2 doelpunten).’

Badkuip
Na de 0-3 overwinning op bezoek in de Kuip, deelde De Wit op zijn Instagram een foto met een soortgelijke tekst als ‘Altijd lekker een jantje in de badkuip’. Hij vertelt daarover: ‘De mensen die mij kennen, weten dat het echt gewoon een lolletje is. Ik vind ook dat het er van beide kanten bij hoort.’ Echter kreeg zijn familie verschillende dreigementen en dat heeft hem ertoe gezet om het uiteindelijk toch aan te passen: ‘Daar kan ik misschien van leren, maar aan de andere kant vind ik dat het gewoon moet kunnen.’