In Amsterdam heeft Guus Hiddink vorige week zijn AOW-formulier ingevuld. Hij wordt op 8 november 65. ‘Wel een moment voor reflectie’, zegt hij. Horen we cynisme? Kan hij zich niet voorstellen dat er mensen zijn die vinden dat u als trainer/coach uw tijd gehad heeft?

‘Jawel, dat kan ik me voorstellen’, zegt de bondscoach van het Turkse nationale elftal in gesprek met het AD. ‘Maar moet ik daar op reageren? Wie vindt dat dan? Ik hoor het nooit rechtstreeks. Maar komaan, ik snap dat als je jaren aan een stuk prominent bezig bent, dat mensen zich een beeld vormen over je en dat ze zich afvragen wat je uitvoert en of het niet aan slijtage onderhevig is allemaal.’

‘Luister, ik ben zelfkritisch, ik houd mijn eigen prestaties in de peiling. Ik heb in de privésfeer jonge en behoorlijk oude mensen om me heen. (…) Er komt een moment dat ik langzaam tussen de coulissen schuif en hooguit ergens mensen ga adviseren. Maar wanneer? Ach, dat heeft niets te maken met wel of niet plaatsen voor het EK. Zoiets gaat toch vanzelf, dat kondig je niet aan. En is het echt zo interessant, dat afscheid?’

Soms wordt hij moe als hem om een reactie wordt gevraagd over een vrijage met Chelsea. Of als hij moet toelichten waarom ze hem bij Ajax willen hebben. ‘Eigenlijk hoef ik niks te zeggen. Anderen roepen wat, weer anderen schrijven iets en voor je het weet is er een waarheid waarin je jezelf tot je eigen verbazing terugvindt. Luister, ik heb helemaal geen ‘nee’ tegen Chelsea gezegd. Ze hebben me namelijk niet gevraagd. Lachen, hè? Echt niet, het was gewoon niet aan de orde.’

‘Wat Ajax betreft, vrij recent waren de heren Ten Have (voorzitter raad van commissarissen) en Been (beoogd algemeen directeur) bij mij thuis op de koffie. Waarom niet, ik ken die mannen en met Been voetbal ik zelfs wel eens. Bij Ajax willen ze me graag hebben in een of andere rol. Dat streelt. Maar ik heb beleefd gezegd dat ik ten minste tot en met het EK 2012 bij Turkije in dienst ben. En met hart en ziel, hè. Ik houd geen balletjes in de lucht, geen slagen om de arm, helemaal niks. Maar waarom moet ik dat uitleggen? Ik weet oprecht niet wat ik over een jaar ga doen. Wie dat wel weet, heeft een overzichtelijk leven, laat ik het zo zeggen.’