De wekelijkse column van Remko van der Ploeg voor www.Ajax1.nl

Ik heb afgelopen week weer Ajax gezien, zoals ik Ajax al ruim 40 jaar ken. Het Ajax, dat bij zijn tegenstander respect afdwingt vanwege zijn manier van spelen. Het Ajax, dat met de borst vooruit over het veld dwarrelt, alsof er geen tegenstander bestaat. Het Ajax, dat het publiek vermaakt met hoogstandjes, waardoor onze Amsterdamse bluf weer de kop opsteekt. Dat is wat de Ajax-tifosies al jaren terug willen zien.

Ik herinner me nog hoe in 1972 Johan Cruijff in de kwart-finale van de Europacup 1 een balletje ging hooghouden bij de rechter-cornervlag om de bal vervolgens met een omhaal magistraal bovenop de lat van de verbouwereerde Arsenal keeper Wilson te laten landen. Hoe Gerrie Muhren in 1973 in een vol Bernabeu een breedtepass van Wim Suurbier op de knie aannam om de bal vervolgens een aantal malen treiterend hoog te houden. In 1995 kreeg Ajax in datzelfde stadion, onder leiding van Louis van Gaal, 100.000 Madrilenen stil in de poulefase van de Champions League. Met een staande ovatie gingen de Ajacieden met een 0-2 overwinning van het veld, om 5 dagen later in Tokio de wereldbeker te veroveren. Hoe Jesper Olsen ‘de Kuip’ tot waanzin dreef door de gehele Feyenoord-defensie zijn hielen te laten zien en de 1-2 op het scorebord te brengen. Diezelfde Jesper Olsen was de kompaan van Johan Cruijff, toen Otto Versfeld werd verschalkt door een penalty in tweeën te nemen. Hoe Marco van Basten nog steeds Jan van Grinsven slapeloze nachten bezorgt als hij terugdenkt aan die omhaal van Marco. Diezelfde Marco rolde in zijn eentje Malmo FF op in 1987 en bezorgde ons in mei van dat jaar de Europacup2. Hoe Richard Witschge tegen Feyenoord een meter of dertig de bal 9x hooghield. Hoe Ray Clarke, Wim Kieft, Johnny Bosman en Marco van Basten vanuit het niets topscorer werden. Hoe Jari Litmanen, Luis Suarez, Klaas Jan Huntelaar, Shota Arveladze, Michael en Brian Laudrup, Patrick Kluivert, Edwin van der Sar, Piet Schrijvers, Dani, Dennis Bergkamp en zelfs Felix Gasselich ons onvergetelijk  mooie momenten hebben bezorgd.

Als je aan al deze mooie momenten terug denkt, dan weet je wat het is om Ajacied te zijn. Je verlangt terug naar nationale en internationale successen. Je verlangt terug naar het respect, dat Ajax verdient. We zijn de afgelopen jaren niet verwend, ondanks dat er een hoop geld is uitgegeven om de beste spelers bij de concurrentie weg te kopen. Denk maar eens aan Huntelaar, Suarez en Sulejmani. Maar niets hielp, zelfs trainers niet. Henk ten Cate had het kunnen zijn, maar verkoos assistent  te zijn bij Chelsea. Marco van Basten streefde het Ajax-spel na, maar kwam jammer genoeg communicatietechnieken tekort en dit kostte hem te veel energie. Martin Jol had het teveel achter de ellebogen en was een mannetje van de korte termijn. Kopen om het kopen.

Nu hebben we Frank de Boer en waarom komt het nu wel goed? Omdat Frank de Boer weet wat hij wil met dit Ajax. Afgelopen weken heb ik weer kunnen  genieten van het vertrouwde Ajax-spel. Het is weliswaar nog wisselvallig, maar het is er wel. AZ werd vakkundig in de eigen ArenA naar een kansloze  4-0 nederlaag gespeeld. Spartak Moskou werd afgelopen donderdag volledig overlopen door een Ajax dat Barcelona-achtig oogde. Ik kreeg donderdag weer dat onoverwinnelijke gevoel dat bij Ajax hoort. Een zondagsschot van de aanvoerder van de Moskovieten was Maarten Stekelenburg te machtig. Maar wat boeit het. Ik heb donderdag de Ajax-filosofie weer gezien, met dank aan Frank de Boer.

Toegegeven, tegen de laagvliegers uit Tilburg was het de eerste helft weer even weg. Na de rust begon het er weer een beetje op te lijken. Maar, de Ajax-filosofie heb je ook niet zo snel onder de knie. Frank de Boer heeft er zijn hele leven over gedaan, dus jongetjes als Eriksen, van der Wiel, Anita, Alderweireld en Sulejmani hebben dus nog een hoop te leren. Maar ze willen leren van Frank de Boer en wat misschien nog wel belangrijker is, ze hebben respect voor de speelwijze van Ajax.

Ik hoorde en zag vrijdag een stukje van een interview met Mounir El Hamdaoui. Zoals gewoonlijk lag het allemaal niet aan hem. Het enige dat hij eiste was ‘respect’ en op de manier hoe hij dit woord uitsprak, wist ik hoe laat het was.
Volgens Mounir konden Louis van Gaal en Martin Jol wel met respect omgaan met een andere cultuur. Met andere woorden: doordat Mouniertje uit een andere cultuur komt, moet heel Ajax zich maar aanpassen aan hem. Dit doet me een beetje denken aan hele vervelende jongetjes uit Amsterdam-West. Deze eisen ook respect, anders maken ze de buurt onveilig.

Mounir El Hamdaoui draait de zaken om. Wie is hij om respect te eisen? Respect dwing je namelijk af door resultaten en respect te hebben voor anderen. Bijvoorbeeld door respect te hebben voor de Ajax-filosofie over voetballen en voor trainers die dit nastreven. Als Mounir dus geen respect heeft voor die manier van voetballen, dan is hij het Ajax-shirt niet waard en moet hij zichzelf heel respectvol laten herenigen met Martin Jol.

   
Tot volgende week

Remko van der Ploeg

Wilt u reageren? Dat kan op remko@Ajax1.nl