Overmorgen is het precies 20 jaar geleden dat Ajax afscheid nam van stadion De Meer. Ondanks dat het stadion er inmiddels niet meer is, blijft het voor veel mensen een bijzondere plek en herinnering. In de periode dat Ajax stadion De Meer als thuishaven had werden er vele successen geboekt waar de komende dagen op teruggeblikt zal worden. In dit eerste artikel zullen we terugblikken op de beginperiode van Ajax in stadion De Meer.

Kampioenscompetitie als officieel landskampioenschap

Op 9 december 1934 werd stadion De Meer officieel geopend met een vriendschappelijke wedstrijd tegen het Franse Stade Français. Op dat moment bestond de Nederlandse Eredivisie nog niet zoals we die in zijn huidige vorm kennen. Het Nederlandse landskampioenschap voetbal werd beslist doormiddel van een kampioenscompetitie, in deze kampioenscompetitie kwamen vijf ploegen uit die allen de klasse hadden gewonnen waar ze in uitkwamen; West I, West II, Zuid, Oost en Noord.

Het eerste landskampioenschap voor Ajax in De Meer liet niet lang op zich wachtten. Ondanks dat Ajax in het seizoen 1933/1934 niet alle thuiswedstrijden in het stadion had afgewerkt werd in dat jaar wel de eerste prijs gepakt. Na het winnen van de Eerste klasse West I hadden zowel Ajax als KFC als Willem II na acht wedstrijden in de kampioenscompetitie een zelfde aantal punten. De regelgeving op dat moment zorgde ervoor dat deze ploegen een beslissende play-off tegen elkaar moesten afwerken. In een kleine competitie waar de ploegen elkaar eenmalig troffen won Ajax uiteindelijk het Nederlandse landskampioenschap op doelsaldo van KFC.

In de drie daaropvolgende seizoenen wist Ajax elk seizoen de Eerste klasse West I te winnen. Maar slechts eenmaal in die seizoenen werd het uiteindelijk ook Nederlands landskampioen. In het seizoen 1934/1935 werd Ajax derde achter PSV en Go Ahead, een jaar later moest Ajax als nummer twee het kampioenschap aan Feijenoord laten om vervolgens in het seizoen 1936/1937 met zeven overwinningen en een nederlaag de zesde landstitel in het bestaan van de club en het tweede sinds de verhuizing naar stadion De Meer te mogen vieren.

Van Eerste klasse West I naar West II en weer terug

Het seizoen dat volgde zou uitdraaien op een teleurstelling. Waar Ajax in alle seizoenen met stadion De Meer als thuishaven nog deel zou nemen aan de kampioenscompetitie was dat in het seizoen 1937/1938 anders. In de Eerste klasse West I moest de winst gelaten worden aan DWS (dat uiteindelijk derde zou worden in de kampioenscompetitie) en daarmee werd ook duidelijk dat Ajax het seizoen erop niet meer in de Eerste klasse West I, maar in West II zou moeten uitkomen.

Het uitkomen van Ajax in Eerste klasse West II duurde niet lang, de club won in het seizoen 1938/1939 direct de klasse (door onder andere Feijenoord achter zich te laten) en nam revanche op DWS door ploeg achter zich te houden in de kampioenscompetitie en daarmee het landskampioenschap voor zich op te eisen.

Magere jaren volgen
Ondanks de sterke jaren sinds Ajax haar intreden nam in stadion De Meer kende de club er ook mindere periodes. Na de landstitel in 1939 moest de club een lange periode wachtten op nieuw succes. In de jaren rond de Tweede Wereldoorlog had de club het lastig, in de strijd om het landskampioenschap kreeg Ajax het niet voor elkaar om echt mee te doen om het kampioenschap in de Eerste klasse. In de vijf seizoenen na de laatste landstitel volgden er driemaal een zesde plaats in de Eerste klasse, en tweemaal een tweede plaats. Ondanks de magere jaren in de competitie kon er in het seizoen 1942/1943 een prijs worden toegevoegd aan de prijzenkast. In de finale van het nationale bekertoernooi was Ajax met 3-2 te sterk voor DFC, voor het eerst sinds stadion De Meer het stadion was waar Ajax de thuiswedstrijden afwerkte werd de beker gepakt. In De Meer was op dat moment weinig reden tot juichen, want door de grotere capaciteit werden de belangrijkste wedstrijden, waaronder deze bekerfinale, in het Olympisch stadion afgewerkt.

Sterk Ajax na hervatting van Nederlandse Landskampioenschap

Het seizoen 1944/1945 werd een seizoen zonder Nederlands Landskampioenschap. Het seizoen erop stond Ajax direct weer op het niveau dat de club nastreefde, ondanks dat in 1945/1946 het landskampioenschap nog aan HFC Haarlem gelaten moest worden was Ajax voor het eerst in vijf seizoenen weer aanwezig in de kampioenscompetitie.

Het seizoen erop was het wel raak. Na wederom winst in de Eerste klasse West I wist Ajax het sterke Heerenveen met Abe Lenstra als speler/trainer achter zich te houden in de kampioenscompetitie en voor de achtste maal in de clubhistorie het Nederlandse landskampioenschap te grijpen.

Ondanks de sterke hervatting van Ajax kende de club daarna mindere jaren. Tot aan de hervorming van de competitie in het seizoen 1950/1951 wist Ajax geen landstitels meer binnen te halen en kwam het alleen in het seizoen 1949/1950 nog uit in de kampioenscompetitie na het winnen van de Eerste klasse West II.

Ondanks het mooie eerste seizoen met stadion De Meer als thuishaven kende Ajax dus ook een aantal magere jaren in de eerste jaren na de verhuizing. De hervorming van het Nederlandse Landskampioenschap had invloed op de successen, er kwamen Europese clubtoernooien en Ajax beleefde een gouden tijdperk. Meer over deze successen kun je lezen in een volgend artikel over de successen van  Ajax tijdens de periode in stadion De Meer.