© Proshots

Joël Veltman doet het de laatste weken uitstekend als rechtsback van Ajax. Waar in het begin nog veel mensen liever Kenny Tete als back zagen, lijkt Veltman nu zijn gram te halen met goed spel en goede passes. “Ik speel nu wat lekkerder, maar ik zag ook dat ik de meest waardevolle speler ben. Zoiets gaat rond en dan ben je ineens wel goed. Ik speel vrij stabiel, maar het perspectief gaat op en neer. Ik heb al die apps van mijn telefoon gegooid. Maar je kunt je nog zo voor alles afzonderen, je krijgt het toch mee. Goed of slecht. Vroeger ging ik aan mezelf twijfelen, nu niet meer. Omdat ik weet wat ik kan, heel simpel. Ik begon ook met een piek, zoals negen van de tien Ajaxtalenten. Daarna krijg je een dipje en is het net alsof je niet eens goed genoeg bent voor de amateurs. Daarna kom je waar je hoort te zijn. Zo’n dip ombuigen maakt bij Ajax het verschil of je het haalt of niet”, zegt hij in gesprek met Ajax Life.

Veltman spreekt lovend over ‘concurrent’ Kenny Tete. “Hij zorgt meestal voor spektakel. Ik vind Kenny een heel goede verdediger, een van de beste rechtsbacks. Hij heeft heerlijke tackles en is wat opvallender dan ik. Ik krijg soms applaus bij een lange bal of goede pass, Kenny na bijna iedere tackle. Zijn acties vallen meer op, daardoor ontstaat discussie. Ik geef een paar mooie passes en dan hoor je niets meer, terwijl ik redelijk constant speel. Als ik bij AZ-uit een bal verspeel met twee man in me rug, dan gaat het over Veltman. Ik gaf die wedstrijd een paar goede passes op centrale spelers, zodat we onder de druk uit kwamen, maar het perspectief was slecht. Er viel een tegengoal nadat de bal via mijn knie was gegaan, dat wordt overgenomen. Dan is het leuker als er filmpjes wordt gemaakt met goede passes.”

Niet alleen de positie was anders voor Veltman, ook maakte de wisselende voorhoede het soms lastig voor hem. Gedurende dit seizoen heeft hij met Traoré, El Ghazi, Cerny, Kluivert en Nouri al vijf verschillende buitenspelers voor zich gehad. “Aan de ene kant speel ik het liefst met een vaste rechtsbuiten samen, om het goed af te stemmen. Maar ik speelde goede wedstrijden met El Ghazi voor me, met Traoré voorin en ook met Justin, ook al verschilt hun speelstijl. Justin en Anwar rennen graag met de bal, Bertrand heeft de bal liever niet te diep en maakt dan een actie. Hij trekt veel naar binnen, dan kun je er overheen. Net als met Nouri, die zondag inviel. Appie is geen echte rechtsbuiten, maar vulde het goed in. De tegenstander moest kiezen en dan kun je wat meer gaan. Bertrand is nu weer terug. Hij kreeg veel kritiek, maar het is echt niet leuk om tegenover hem te staan. Hij is altijd gevaarlijk. Bertrand krijgt wel eens kritiek omdat hij nonchalant overkomt, maar dat is gewoon zijn houding. Wat mij het best ligt? Goeie vraag. Eigenlijk allebei. Al ben ik geen speler die negentig minuten lang de achterlijn haalt. Als ik het moment zie, ga ik er graag over. Dat kan ook als Bertrand speelt.”